"Ergens eind jaren 80. In een wat roestige, witte Citroën GS Break reden mijn toenmalige vriendin en ik door de Roussillon. Het zal in de buurt van Marseillan-Plage geweest zijn, daar stonden we immers op een camping. Achter een bocht op een B-weg doemde een prachtig chateau op. Zo eentje met een lange oprijlaan met cipressen en aan het einde een geel-beige landhuis, omringd door wijngaarden. Zeg maar het huis waar Russell Crowe in The Gladiator aan denkt als hij sterft in de arena. Je kon er wijn proeven. Zonder enig overleg stuurde ik het terrein op. Dat doe je tenslotte als je begin 20 bent.

En daar, aan een lange eiken tafel voor dat landhuis, in de verkoelende lommer van een grote plataan en omringd door alles wat de sommelier in mij moest doen ontwaken, maakte ik kennis met... een mierzoete muskaatwijn. Met bijkans gebarsten tandglazuur rekende ik veel te veel francs af voor die exercitie. Ik drink sindsdien uitsluitend rood, niet gehinderd door enige kennis van zaken.

‘Doe maar een Merlot’, riep ik tot voor kort standaard in elk restaurant. En ik was er ook van overtuigd dat goede wijn duur moest zijn. In een vlaag van pure beroepsdeformatie heb ik zelfs een app gedownload waarmee je etiketten van wijnflessen kunt scannen, waarna de aanschafprijs op je scherm verschijnt. Ik heb daarmee – geknield voor ons wijnrek in de woonkamer waarin alle wijnen liggen die we de afgelopen jaren cadeau hebben gekregen – de etiketten één voor één gescand. Schandalig natuurlijk.

Afijn. Op een dag kwam het goed. Met mijn huidige vrouw, niet die vriendin van de muskaatwijn, belandde ik in een bescheiden restaurantje ergens in de omgeving van Alkmaar. We bestelden risotto. De ober raadde ons ook een wijn aan: ‘Ik zou onze huiswijn nemen.’ Na een instemmend knikje van mij kwam hij terug met een fles Negroamaro uit Puglia, de hak van Italië.

Het moment dat ik het glas aan mijn lippen zette, gebeurde er iets moois. Terwijl de omgeving volstrekt tegengesteld was aan die waar dertig jaar ervoor mijn eerste wijnmoment werd verpest, wakkerde deze dieprode godendrank alsnog de sluimerende wijnliefhebber in mij aan. Na afloop mocht ik een flesje meenemen, tegen inkoopprijs: vijf euro en vijftig cent! Ik lieg het niet.”

Kees van der Spek

Journalist en programmamaker Kees van der Spek ziet op 29 juni 1964 het levenslicht in Nazareth, Israël. Zijn jeugd brengt hij met zijn ouders en zussen door in Duitsland, Suriname en Burundi, voordat hij op 17-jarige leeftijd terugkeert naar Nederland. In 1989 gaat hij aan de slag als dagbladjournalist en in 1996 stapt hij over naar de tv-wereld om tot 2012 belangrijk te zijn voor het programma Peter R. de Vries, misdaadverslaggever. In 2008 ontvangt hij met De Vries een Emmy Award voor de reportage over Joran van der Sloot. Vanaf 2013 maakt Van der Spek zijn eigen programma’s zoals Oplichters in het buitenland en Graf zonder naam bij SBS6. Sinds dit jaar maakt hij Kees van der Spek ontmaskert voor RTL5.