Wijn uit Nieuw-Zeeland

Op 13 december 1642 zag de Groninger Abel Tasman tijdens een ontdekkingsreis als allereerste Europeaan ooit het Zuidereiland van Nieuw-Zeeland. Hij noemde het Statenland, maar later werd dit veranderd in Nieuw-Zeeland, naar de provincie Zeeland, waar veel Nederlandse zeehelden vandaan kwamen. Abel Tasman zette zijn tocht noordwaarts voort langs de westkust van het Noordereiland en na nog enkele eilandjes ontdekt te hebben, zette hij koers naar Batavia, waar hij op 15 juni 1643 aankwam.

Lees verder...

De VOC was tamelijk teleurgesteld in de reis van Tasman. Hijzelf meldde dat de lokale bevolking vijandig was en dat handel drijven niet echt een optie zou zijn. Veel later, aan het begin van de negentiende eeuw, arriveerden Engelse walvisvaarders op Nieuw-Zeeland en vestigden zich in de Bay of Islands op het Noordereiland. Er kwamen ook geestelijken met hen mee en in 1819 plantte de Engelse dominee Samuel Marden de eerste wijngaard in Kerikeri op het Noordereiland. Of hij er wijn van maakte, valt te betwijfelen. Franse katholieke missionarissen deden dat in 1851 echter wel, toen zij in Hawke’s Bay met Mission Estate begonnen: het eerste en nu dus oudste Nieuw-Zeelandse wijngoed. 

Europese immigranten probeerden later met druivenrassen als cabernet sauvignon, syrah en pinot noir voor enige ontwikkeling van de wijnbouw te zorgen. De bevolking wilde echter geen rode wijn, maar vooral versterkte, sherry- en portachtige wijnen en zoete wijnen van de palomino- en muskaatdruif. Pas midden jaren zestig van de vorige eeuw ontstond er vraag naar lichtere witte wijnen. Aanvankelijk plantten producenten müller-thurgau aan, maar een fruitige wijn van deze druif maken lukte alleen in de echt koele gebieden. De oplossing werd gevonden in het druivenras sauvignon blanc. De wijnen hiervan, en dan vooral die uit Marlborough, werden een enorm groot succes. Er wordt in dit gebied maar één kloon van deze druif gebruikt, waardoor de geur en smaak van alle Sauvignon Blanc uit Marlborough vrijwel identiek is en direct herkenbaar: buitengewoon fruitig en aromatisch. Marlborough kreeg hierdoor een belangrijke voorbeeldfunctie voor wijnmakers in andere Nieuw-Zeelandse gebieden.

Nieuw-Zeeland is het zuidelijkst gelegen wijnland ter wereld met een koel klimaat. Omringd door het koude water van de Stille Oceaan heeft het eiland een koel en vochtig klimaat met zeer veel zonuren, maar zonder extreem hoge temperaturen en een vrijwel constant aanwezige westenwind. Nieuw-Zeeland is in totaal 1600 kilometer lang; het land kent dus wel aanzienlijke klimaatverschillen. Zo is de temperatuur op het Noordereiland gemiddeld een paar graden hoger dan die op het Zuidereiland en het tijdstip van de oogst van bijvoorbeeld chardonnay in het uiterste noorden kan tot wel zes weken verschillen van de oogst in het uiterste zuiden. 

Naast de witte wijnen die gemaakt zijn van sauvignon blanc en chardonnay onderscheidt Nieuw-Zeeland zich ook met rode wijnen van cabernet sauvignon, merlot, syrah of pinot noir. Die laatste voelt zich per definitie goed thuis in deze koele, maar zonrijke omgeving. Verspreid over het Noordereiland en het Zuidereiland telt Nieuw-Zeeland in totaal zestien wijndistricten, die deels ook weer uit een aantal kleinere regio’s bestaan. De belangrijkste districten en hun druiven zijn: Hawke’s Bay met chardonnay, merlot en syrah, Gisborne met chardonnay, Marlborough met sauvignon blanc, Central Otago met pinot noir en Nelson met pinot noir en riesling. Dankzij investeringen in ultramoderne wijnbedrijven, getalenteerde oenologen en een buitengewoon tolerante regelgeving hebben de Nieuw-Zeelandse wijnmakers zich in zeer korte tijd met een geheel eigen identiteit onder de wereldtop weten te scharen.

{{var product.name}} is toegevoegd aan de bestelling.

Verder winkelen
Naar kassa en afrekenen